Lepelaars in het Zwin

Lepelaars! Deze witte vogels zijn een opvallende verschijning in het Zwin. Met hun bijzondere, lepelvormige bek zijn deze grote witte vogels populair bij bezoekers van het Zwin Natuur Park. Vanuit de kijkhut is vrijwel steeds een groep lepelaars te zien. In de Zwinuitbreiding houden zich ook steevast een aantal exemplaren op.

23-07-2019

Op doortocht naar hun wintergebied.

De aantallen nemen in deze tijd van het jaar toe. Het broedseizoen zit er op, en dan verlaten lepelaars hun broedkolonies.

De trek naar hun wintergebieden in zuidelijk Europa en West-Afrika vindt pas in september-oktober plaats. Tot die tijd zoeken de vogels voedselrijke gebieden op. Het Zwin leent zich daartoe uitstekend. Met de nieuwe uitbreiding erbij is het gebied nog aantrekkelijker geworden.

Er werden al tot 50 lepelaars geteld deze zomer. Later in de zomer zal dat aantal nog toenemen. Traditioneel pieken de aantallen in het Zwin in de maanden augustus en september.

Kleurringen

Een leuk extraatje bij die lepelaars, is dat er een aantal gekleurringde vogels tussen zitten. Het voorzien van kleurringen aan de poten is een gekende onderzoeksmethode bij lepelaars.

De ringen worden aangebracht bij kuikens in de broedkolonies. Elk exemplaar krijgt een wetenschappelijke ring en daarnaast ook nog een unieke combinatie van meerdere gekleurde ringen. Zo is elke lepelaar individueel te herkennen. De kleurringcombinatie kan van op afstand worden waargenomen door vogelkijkers met behulp van een verrekijker of telescoop. De waarneming wordt vervolgens doorgegeven aan de personen die de lepelaars van ringen hebben voorzien. Dat levert een groot aantal meldingen op.

Via dergelijke kleurringprojecten is al heel veel bijgeleerd. Veel van die informatie is van groot belang om de vogels beter te kunnen beschermen. Zo wordt onder meer zicht gekregen in de gebieden die lepelaars gebruiken om te broeden, om voedsel te zoeken en te overwinteren. Hoe lang blijven ze in die gebieden? Welke trekroutes nemen ze? Hoe lang leven ze? Allemaal vragen die dankzij kleurringenonderzoek antwoorden hebben gekregen.

Al 19 gekleurringde lepelaars

In 2019 werden al 19 verschillende lepelaars met kleurringen waargenomen in het Zwin. Sommige daarvan zijn zelfs echte habitués geworden: drie vogels zitten er al sinds mei. Die hebben het blijkbaar echt wel naar hun zin!

Op twee na waren de gekleurringde lepelaars afkomstig uit Nederland. Dat hoeft niet te verwonderen, want een groot deel van de Europese lepelaarspopulatie broedt bij onze noorderburen, ruim 3.000 broedparen! De meeste van de Nederlandse lepelaars in het Zwin (ca. 75%) komt niet zo ver hiervandaan, uit het Deltagebied.

De overige vogels komen van verder noordelijk, vooral van de Waddeneilanden. De twee lepelaars van niet-Nederlandse origine komen uit België en uit Frankrijk. De Belgische vogel werd al in 2011 geringd in het Antwerpse havengebied. Van de Franse vogel is er nog geen nieuws over de oorsprong. Doordat de lepelaars als kuiken werden geringd, weten we hoe oud ze zijn. Het valt op dat het merendeel van de vogels die we in het Zwin zien jongelingen zijn. Ruim 70% van de gekleurringde lepelaars minder dan vier jaar oud. Lepelaars kunnen vrij oud worden, en ze beginnen in de regel pas met broeden als ze al enkele jaren oud zijn. Dat we hier zo veel jonge lepelaars zien, geeft hoop dat ze zich aan het Zwin zullen hechten en er misschien in de nabije toekomst tot broeden zullen komen. In het verleden zijn er al enkele keren broedpogingen geweest van lepelaars in het Zwin, maar de vestiging is nooit definitief van de grond gekomen. Misschien komt het er één van de komende jaren wel van!